Overzicht:

België - land van fietsers
De cijfers
Het fietstoerisme in de regio met half bergland
De verschillen met betrekking tot het Vlaamse systeem
Het fietstoerisme
Themaparcours
Het fietstoerisme in de Euregio
Topografische kaart
Hoe werkt het knooppuntsysteem?
Forfaitaire aanbiedingen
Het net « VeloTour Hoge Venen-Eifel »
Kosten en financiering van het project
Het uitwerken van het net
De afdaling van de Venen
De signalisatie en de bebakening
Toekomstperspectieven met betrekking tot de RAVel materiee


Elk jaar rijden de Europeanen ongeveer 70 miljard km per fiets. De Denen en de Nederlanders zijn de toplopers maar de Belgen plaatsen zich in 3e positie met een gemiddelde van 325 km per persoon. In Vlaanderen fietsen 14,5% van de inwoners tegen 1,7% voor Brussel en 3,4% voor Wallonië. Twee derden van de gezinnen bezitten een fiets.


België - land van fietsers

Sedert zeer lang is België bekend dankzij zijn talrijke kampioenen in de wereld van de wielersport. Geen wonder dus dat ons land zich plaatst als derde op het Europees niveau.
De fiets heeft eveneens een vooraanstaande plaats ing
enomen op het domein van de vrijetijdsbesteding hoewel het minder gaat om fietstoerisme dan wel om cyclotoerisme, dat wil zeggen eerder een sport dan wel een vrijetijdsbesteding. De fervente beoefenaars denken meer aan het slikken van kilometers dan aan de natuur en de mooie langschappen die ze zouden kunnen bewonderen. De kampioenen van de Ronde van Frankrijk, van de Giro en van de Vuelta zijn hun idolen.

Het fietstoerisme in de regio met half bergland

In dergelijke streken is deze activiteit relatief nieuw. Dit geldt eveneens voor de Oostkantons. Daar tegenover staat deze vrijetijdssport aan de Belgische kust hoog aangeschreven bij de vakantiegangers en dit sedert vele jaren. Dit is vanzelfsprekend toe te schrijven aan de uitstekende voorwaarden: weinig hoogteverschil en veel fietswegen zonder autoverkeer. Daar volstaat al een eenvoudige fiets met drie versnellingen, hoewel het aanbod van fietsen in de handel verder blijft stijgen: koersfietsen van alle slag, citybike, trekkingfiets, elektrische fietsen en de mountain-bike met 27 versnellingen die een echte revolutie doormaakt. Het is dankzij de mountain-bike dat de vrijetijdsfiets zijn populariteit heeft verkregen in heuvelstreken, wat voordien vrijwel onmogelijk zou geweest zijn, ten minste voor de modale burger.


Het fietstoerisme

Indien de terreinfiets deze vrijetijdssport populair heeft gemaakt, is dit ook het gevolg van de technische evolutie van deze fiets, die zich duidelijk onderscheidt van de andere.

Sedert zijn verschijning in Europa, (kwam uit Canada) in de jaren ’80, kende de mountain-bike onophoudend verbeteringen en werd hij steeds meer geperfectioneerd.

Alle andere fietstypes hebben hier hun deel van de koek gekregen. De Oostkantons waren één van de eerste streken, in het begin van de jaren ’90, die de mountain-bike in hun toeristisch aanbod hebben opgenomen. De realisatie van een volledige mountain-bike box, van een topografische kaart van het NGI en de promotiefolders waren voorlopers in deze materie.


Het fietstoerisme in de Euregio

De benadering is verschillend naar gelang de regio. In het Nederlandse Zuid-Limburg bestaat sedert lang een belangrijk net van fietspaden, uiteraard gebruikt voor alle verplaatsingen. In Duitsland bestaan verschillende formules. In Belgisch Limburg werd gekozen voor het “knooppuntsysteem”, eigenlijk een beetje toevallig.

In de regio « Regionaal Landschap Kempen en Maasland », bestonden vroeger reeds talrijke omlopen en parcours. Met de bedoeling een beetje orde op zaken te stellen heeft het knooppuntsysteem zijn intrede gedaan. Er werd getracht de verschillende baanvakken met elkaar te verbinden. Dit « knooppuntsysteem »werd een zodanig succes dat het navolging kreeg in de streek van Antwerpen en elders. Het Oosten van de provincie Luik is de streek in Wallonië die zich met een dergelijk systeem begiftigd ziet.


Hoe werkt het knooppuntsysteem?

Men kan zich een spinweb voorstellen waarvan alle kruisingen, de « knooppunten » genummerd zijn. Aan elk van deze kruisingen staat er een bord met een kaart van het net en het nummer van de plaats waar men zich bevindt.

De bebakening geeft de verschillende baanvakken aan die voorgesteld worden bij vertrek aan dit knooppunt naar andere kruisingen, die eveneens genummerd zijn. Het is dus mogelijk telkens de richting te kiezen die men wenst te nemen. Dit systeem laat een bijna oneindig aantal mogelijkheden en varianten toe.
De aanduiding van de afstand tussen de knooppunten maakt het mogelijk de lengte van de tocht die men wil maken te bepalen door gewoon de som van de kilometers te maken.


Het net « VeloTour Hoge Venen-Eifel »

Dankzij dit systeem zal het fietstoerisme in het oosten van België een nieuwe opgang kennen. De tijd is voorbij dat men, tot vervelens toe kaarten moest raadplegen om uit te maken welke weg men moest nemen.

De Dienst voor Toerisme van de Oostkantons en de Federatie voor Toerisme van de provincie Luik hebben samen een groot net uitgewerkt met een totale lengte van 850 km, dat zich uitstrekt van de Nederlandse grens tot de grens met het Groothertogdom. “Aansluitingen” met de naburige netten werden uiteraard, eveneens voorzien (bvb naar Belgisch of Nederlands Limburg of naar de regio van Aken).

De gekozen trajecten lopen meestal over veld- of boswegen (met de waardevolle toelating van Waters en Bossen) en over secundaire wegen met weinig autoverkeer. Soms gebeurt het dat een hoofdweg niet kan vermeden worden.Het halfbergachtig reliëf van de Oostkantons brengt natuurlijk mee dat beklimmingen onvermijdelijk zijn. Maar er is meer: na een inspanning gaat het opnieuw in dalende lijn !


Het uitwerken van het net

Het was in 1999, in het kader van een project Interreg II, van het Duits-Belgisch natuurreservaat, dat een eerste initiatief werd genomen voor de keuze van trajecten, aangepast voor het fietstoerisme. De realisatie in de Kempen had in die tijd al model gestaan. Het doel dat werd beoogd bij het natuurreservaat was het scheppen van een formule, beantwoordend aan de vraag en in staat om het interpretatieproject van het landschap waar te maken.

De fiets scheen het ideale instrument te zijn om dit doel te bereiken; zonder luchtvervuiling en geruisloos.
Het Belgische deel van het grensoverschrijdend project werd in last genomen door het Natuurparkcentrum van Botrange en de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons. Nadat het net werd bepaald werd « Sports & Loisirs HECK » gelast met het uitwerken van een bebakeningsysteem.
Er werd een kadastrale staat opgemaakt met meer dan 2000 plaatsen die in aanmerking konden komen voor het plaatsen van bebakening.

Het project Interreg gaf uiteindelijk geen resultaten. Sindsdien hebben de Toeristische Federatie van de provincie Luik en de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons het idee opnieuw op tafel gebracht en een nieuw financieel plan tot stand gebracht. Na de aanbesteding, georganiseerd in december 2003, werd de Société Contact Forestier in de lente van 2004 gelast met de uitvoering van de werken. Verschillende maanden waren nodig om het project tot een goed einde te brengen.

De signalisatie en de bebakening

Voor het netwerk « Vélo-Tour Hoge Venen-Eifel » moest een grafisch project worden tot stand gebracht. Contact Forestier heeft dit werk in onderaanneming gegeven aan de firma IDS uit Peronnes-les-Binches. Het resultaat hiervan is een specifiek logo met een drietalige slogan. Om de uitgaven te beperken werden de borden niet gemaakt uit aluminium (waarvoor de prijzen sedert begin dit jaar fors zijn gestegen) maar uit een materiaal, TRESPA genaamd. De bevestigingspalen zijn natuurlijk uit hout.

De signalisatie omvat 4 verschillende elementen:

1) Vertrekbord :

het gaat hier om grote borden, ingeplant op strategische plaatsen, die kunnen beschouwd worden als centrale vertrekpunten van het net. Zij zijn uitgerust met een topografische kaart van het netwerk (noordelijk of zuidelijk deel)

2) Kaarten « zoom » :

dit zijn kleine borden met een kaartgedeelte om zich makkelijk te kunnen oriënteren met betrekking tot de knooppunten die zich in de omgeving bevinden.


3) Knooppuntbord:

met nummering van de knooppunten die men in de omgeving kan bereiken

4) Intermediaire bebakening:

kleine richtingaanwijzers die men tijdens een traject ontmoet op plaatsen waar van richting kan veranderd worden.

De verschillen met betrekking tot het Vlaamse systeem

Het model en de afmetingen van de bebakeningmaterialen verschillen grondig. Het is de zorg geweest geen bos van signalisatiepalen tot stand te brengen. Panelen werden enkel aangebracht waar ze echt nodig waren. Dit betekent dat men soms verschillende kilometers moet afleggen vooraleer men een aanwijzing vindt. Bij een kruising met keuze tussen 3 richtingen, vindt men hier slechts 3 kleine borden terwijl er in Vlaanderen op een dergelijke plaats 9 borden staan. Het basisprincipe bestaat erin steeds op de gevolgde weg te blijven, behalve andersluidende aanwijzingen. Vanzelfsprekend zal de signalisatie eventueel kunnen verbeterd worden naarmate er bemerkingen of suggesties komen van de gebruikers van het netwerk. De Dienst voor Toerisme van de Oostkantons stelt het op prijs nuttige tips in dat verband te mogen ontvangen.


De cijfers

Het netwerk omvat een totaal van 850 km traject en 182 knooppunten.
27 Vertrekborden werden ingeplant en 155 kaarten “zoom”.
Een totaal van 557 richtingsaanwijzers en 1497 intermediaire bakens werden eveneens geplaatst.


Themaparcours.

Op basis van het net werden 18 trajecten uitgekozen om reden van één of andere bijzondere beschouwing: bijzonderheden op het vlak van de natuur, van de cultuur of het toerisme. 18 Themaparcours kwamen aldus tot stand en vormen een goede reden om een fietstocht in de Oostkantons te ondernemen. Eens op het netwerk zal men verleid worden om verder te rijden of om op een ander moment terug te komen.
En dit is uiteraard de doelstelling van de initiatiefnemers.

Om hen de taak te vergemakkelijken werd een folder uitgegeven, waarin een overzicht wordt gegeven van het geheel van de 18 themaparcours, waaronder de Pré-RAVeL Waimes-St.Vith, en tevens analoge projecten op andere spoorweglijnen die buiten dienst werden gesteld.


Topografische kaart

Het Nationaal Geografisch Instituut (NGI) realiseerde een fietskaart op schaal 1/50.000 op basis van het netwerk «Vélo-Tour Hoge Venen-Eifel».
Het grafisch gedeelte werd toevertrouwd aan «Erwin Kirsch Design».

Deze kaart wordt thans te koop aangeboden tegen de prijs van 9 €.

Forfaitaire aanbiedingen

Vanaf de lente van 2005 zal de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons verblijven « alles inbegrepen » aanbieden, omvattende dagelijkse trajecten op het net, het verblijf in verschillende hotels en natuurlijk het vervoer van de bagage. Deze formules zullen zich uiteraard richten tot de toeristen die op zoek zijn naar een kort actief verblijf. Laten wij hopen dat deze voorstellen een zelfde succes kennen als de wandelingen zonder bagage die reeds sedert verschillende jaren te koop worden aangeboden.


Kosten en financiering van het project

De totale kosten van het project belopen 180.000 €. De financiering werd in last genomen door de provincie Luik, het Commissariaat Generaal voor Toerisme van het Waalse Gewest en door de Duitstalige Gemeenschap.

De afdaling van de Venen

Het netwerk voor fietstoerisme richt zich uiteraard niet in de eerste plaats tot de liefhebbers van de terreinfiets, hoewel het hen niet wordt ontzegd. Voor hen werd een nieuw initiatief toegevoegd aan het specifieke net voor mountain-bikers. Het gaat hier om een idee van het Toerismebureau van Xhoffraix dat de liefhebbers van MTB uitnodigt om de afdaling van de Venen te doen vanaf Baraque Michel tot Xhoffraix of Malmedy en een uitzonderlijk parcours te volgen langs beken.
Een specifieke folder werd gerealiseerd door de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons om dit idee in uitvoering te brengen.


Toekomstperspectieven met betrekking tot de RAVel materie

Het succes van het baanvak « Pré-RAVeL » op de oude spoorweglijn Waimes-St.Vith wenkt reeds andere analoge projecten.
In 2005 zal het traject op de buiten dienst gestelde spoorweglijn tussen Auel, Reuland en Lengeler, voor het publiek worden open gesteld. Dit is een initiatief van de gemeente Burg-Reuland dat hoort bij de landelijke vernieuwing. De stad St. Vith heeft zo pas een project goedgekeurd op het baanvak Neidingen-Duitse grens (in de richting van Pronsfeld) om een verbinding met het Duitse net te verwezenlijken.


Langs het spoor dat tot voor kort nog werd gebruikt door de Vennbahn – tussen Sourbrodt en Monschau, zie Raeren- zou de Duitstalige Gemeenschap op middellange termijn een Pré- realiseren gezien een tweede buiten dienst gesteld spoor zulks toelaat. Dit zou een ideale meerwaarde kunnen geven aan de Rail-Biking (of draisines) die op dit spoor rijden sedert de zomer van 2004.
De « Ravel »-wegen worden bijzonder geapprecieerd door de families en kinderen, door de senioren en zelfs door de gehandicapten in rolstoel.

Conclusie

Na 15 jaar de voorloper te zijn geweest voor de terreinfiets brengen de Oostkantons thans vernieuwing met dit net voor fietstoerisme. Met de hulp van de Federatie voor Toerisme van de provincie Luik, zal de Dienst voor Toerisme van de Oostkantons voortaan op dit gebied in staat zijn een product aan te bieden op topniveau. Het oosten van de provincie Luik zal werkelijk de naam “Fietsparadijs” verdienen.


De nieuwe topografische kaart „Vélo-Tour Hoge Venes-Eifel“ is nu beschikbaar tegen de prijs van 9 € (+ verzendingskosten) bij de:

Dienst voor Toerisme van de Oostkantons
Mühlenbachstr. 2 - B-4780 St.Vith
Rekeningnummer: 248-0183148-42

De folder Vélo-tour is gratis beschikbaar op hetzelfde adres.

DTO (Dienst voor Toerisme van de Oostkantons)
Mühlenbachstrasse 2
Pstf. 66
B-4780 ST.VITH
Tel.: +32 (0)80/22 76 64
Fax: +32 (0)80/22 65 39
info@eastbelgium.com
www.eastbelgium.com
FTPL (Fédération du Tourisme de la Province de Liège)
Bd. 77 de la Sauvenière
B-4000 LIEGE
Tel.: +32 (0)4/237 95 26
Fax: +32 (0)4/237 95 78
ftpl@prov-liege.be
www.ftpl.be